‘De enige manier om een rouw af te ronden bestaat eruit de structurele onvoltooidheid ervan te erkennen. Het verloren object heeft een onuitwisbaar spoor van zijn bestaan in het subject achtergelaten. Uit datzelfde spoor kan een nieuw verlangen ontstaan. Ons hele bestaan is opgebouwd uit deze restanten.
Een restant van het verloren object heeft zich in ons ingeslepen, is door ons ingelijfd, is eigen gemaakt, is versmolten met ons eigen wezen. In die zin zijn wij ook alle talloze doden om wie we hebben gerouwd, een rouw die wel onvoltooid moest blijven.
Rouwarbeid kan nooit zonder restanten, er is dus niet alleen geen snelle rouw maar ook nooit een echt einde. Bij elke scheiding sterft een deel van onszelf en blijft een deel van de ander in ons achter. Het leven gaat verder alsof er in elke stap ook de herinnering zit van wat is geweest.’
Recalcati, 2023
